De zoektocht om mijn levensverhaal liefdevol in kaart te brengen

Eindelijk herfst na een zomer die niet voorbij leek te gaan. Het is donker en grijs buiten en het regent. Ik ben net terug van een wandeling met mijn honden door de Zeeuwse polder. Donkere dreigende wolken en regen, steeds harder. Kluiten modder op de weg, sporen van tractorbanden. De oogst is binnengehaald, alles heeft hier zijn eigen ritme. Weer of geen weer. Er liggen nog wat verdwaalde aardappelen op de akkers.

Quinten is waterproof
Naast mij gaat Hera steeds langzamer lopen. Ze kijkt me mistroostig aan en schudt haar warrige vachtje uit. Ik heb een beetje met haar te doen. Ze komt van de straat, dus in haar vorige leven in Roemenië was slecht weer ook echt slecht nieuws. Tijd om een schuilplek te zoeken. Grote broer Quinten sjouwt onverstoorbaar door. Hij is waterproof en vindt alles prima. Zo lang er maar lekkere luchten op te snuiven zijn! Als we weer het erf oplopen begint Hera’s staartje fanatiek te kwispelen. Het lijkt wel de propellor van een helikopter. Ik moet om haar lachen, haar blijdschap werkt aanstekelijk. Ontbijten, afwassen, honden eten geven, koffie zetten en schrijven. Dinsdag is mijn schrijfdag. Ik kies voor de keukentafel, de honden om me heen. De geur van hun natte vacht neem ik voor lief.

Om Hartmama te kunnen schrijven moest ik diep gaan
Mijn gedachten gaan uit naar vanavond, het mini-seminar in Utrecht met de mooie titel ‘We all could be heroes’. Over de veerkracht van verhalen. Om het programma te citeren: “Verhalen die van pas komen als je eigen levensverhaal even stilvalt.” Ik hoop zo dat Hartmama een verhaal is dat van pas komt voor vrouwen die jong hun moeder verloren zijn. Als ik door mijn notebooks blader zie ik de zoektocht om mijn levensverhaal liefdevol in kaart te brengen. Om Hartmama te kunnen schrijven moest ik diep gaan, dieper dan ik dacht. Nu het klaar is voor publicatie kan ik dat pas echt voelen.

De tante die wel heel oud mocht worden
Er zijn veel fragmenten die uiteindelijk niet in het boek zijn terechtgekomen. Kleine verhaaltjes die ik in de derde persoon schreef. Om mezelf te beschermen. Ze mogen nu in de ik-vorm, omdat ze echt over mij gaan. En ik niet bang meer ben voor tranen.
De foto kwam pas boven water toen mijn tante overleed. De tante die een jaar voor ons heeft gezorgd. Die tijdelijk bij ons introk, waardoor er weer een soort gezin was, met liefde en aandacht. De tante die, anders dan haar zus en mijn mama, wel heel oud mocht worden. En tegen me zei dat voor ons zorgen precies het goede antwoord was op de diepe pijn van het gemis van een zus. Dat ze niet wist of ze het anders wel zou hebben overleefd.

Ergens geeft de foto ook troost
Op de foto zit ik met mijn broer in een soort van geïmproviseerde zandbak. Met een emmertje, schepjes en taartvormpjes. We kijken allebei niet echt. Mijn broer zit iets naar achteren en kijkt opzij. Ik zit op de voorgrond. Streepjesbroek, donkere trui. Maar wat het meest bijzonder is: ik gooi mijn hoofd in mijn nek en ik lach voluit. Mijn handje op mijn hart.
Mijn volwassen ik snapt niets van deze foto. Een meisje van twee zonder mama dat vol overgave lacht. Hoe bestaat dat? Ergens geeft de foto ook troost. Er was blijkbaar zoveel veiligheid en liefde. En kinderen hebben een ongelofelijke levenslust en veerkracht. Ik heb de foto op mijn bureau in mijn werkkamer gezet, zodat ik er af en toe naar kan kijken tijdens het schrijven. “Dapper meisje” zeg ik af en toe stilletjes tegen mijn jongere ik.

Schrijfoefening
In deel 2 van Hartmama heb ik schrijfoefeningen opgenomen om aan de slag te gaan met jouw jonge ouderverlies. Wil je alvast zo’n schrijfoefening ontvangen? Stuur dan een mail naar susan@susanvanderbeek.nl.

Categorieën: boek Hartmama, jong ouderverlies en rouw

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *